Vruchtbare grond om te groeien

Vruchtbare grond om te groeien

Overweging gehouden tijdens de Gezinsviering van Woord en Communie
in de R.K. Kerk van de Geloofsgemeenschap H. Nicolaas in Odijk
zondag 12 juli 2026 – 15e zondag door het jaar – Jaar A – 1e lezing: Jesaja 55, 10-11  – Evangelie: Mattheus 13, 1-9.

Lieve mensen,

De zomervakantie staat voor de deur. Misschien herken je het wel: je kijkt er al weken naar uit, maar eerst moet er nog van alles gebeuren. Jaarafsluitingen op school, werk afronden, inpakken… Het is een race naar de finish.

En dan begint de vakantie. Je bent wel op een andere plek, maar je hoofd is er nog niet. Bij mij duurt het altijd een paar dagen voordat de rust echt komt. Mijn gedachten draaien nog door en zelfs bij het opzetten van de voortent ben ik nog sneller geïrriteerd dan anders.

Misschien herken je dat niet alleen van de vakantie, maar ook van je geloof. We willen God wel ruimte geven, maar ons hoofd en hart zijn vaak zo vol dat zijn woord nauwelijks kan landen.

Dan rijst de vraag: hoe word ik vruchtbare grond?

Het antwoord op die vraag kun je direct uit de lezingen van vandaag halen. Ik geef jullie vandaag drie aandachtspunten mee om vruchtbare grond te zijn voor Gods blijde boodschap.  

Jesaja vergelijkt Gods woord met regen. Regen maakt de aarde vruchtbaar. Zo wil Gods woord mensen nieuw leven geven. Net zoals regen niet voor niets valt, zo blijft ook Gods woord nooit zonder uitwerking. Het keert terug wanneer het zijn doel bereikt heeft. Maar Jesaja herinnert ons er ook aan dat groei tijd kost. Er is tijd nodig voor het hele proces van regen tot het gebakken brood. Zo werkt het ook met Gods woord in ons leven. Het heeft tijd nodig om in ons hart te landen en zichtbaar te worden in onze daden.

In Jesaja ligt de nadruk vooral op God: Hij laat regen vallen, Hij spreekt en zijn woord heeft kracht. In Matteüs verschuift de aandacht naar de grond waarin dat woord terechtkomt. Want wat gebeurt er met Gods woord wanneer het ons hart bereikt?

Mattheus beschrijft in de lezing van vandaag de gelijkenis van de boer of zoals we hem ook kennen, de zaaier. Jezus vertelde deze gelijkenis omdat veel mensen zijn boodschap hoorden, maar deze niet altijd geloofden.

Het perspectief van de gelijkenis is zoals gezegd niet de boer (God), of het zaad (Gods woord), maar de grond. En die grond… dat zijn wij of misschien beter gezegd, onze harten.

De boer zaait royaal en het komt echt overal op de grond terecht: op de weg, op harde grond met stenen, tussen het onkruid, maar het valt gelukkig ook in goede grond. Gods woord wordt ook overvloedig verspreid en komt ook overal terecht en dan treft het soms echt doel in een goed hart.

Misschien roept dat ook een vraag op: wat betekenen die vier grondsoorten nu precies? 

De eerste grond is de weg. Het zaad komt erop terecht, maar dringt niet door. Soms horen mensen Gods woord, maar er is geen ruimte om het binnen te laten komen. Dat kan iemand zijn die niets met geloof heeft, maar ook iemand die alles al denkt te weten.

De tweede grond is bezaaid met stenen. Het schiet wel wortel, maar het komt niet diep. Het stopt met groeien zodra het iets tegenkomt. Soms begint geloof vol enthousiasme, maar wanneer het moeilijk wordt of weerstand oproept, verdwijnt die vreugde als sneeuw voor de zon.

Er valt ook zaad tussen het onkruid. Dan groeit het plantje wel, maar het wordt overwoekerd voordat het vrucht kan dragen. Deze derde grond laat zien dat geloof wel groeit, maar dat het wordt teruggedrongen door iets dat veel harder groeit. Zo kan je vertrouwen in God ondergesneeuwd raken door de zucht naar geld, aanzien op je werk of in de kerk of likes op Instagram.

En dan hebben we de goede grond. Hier wordt het Woord niet alleen gehoord, maar draagt het ook vrucht. Het groeit zelfs zo goed dat het 100 of 60 of 30 graankorrels oplevert. Jezus erkent dus dat de opbrengst per mens verschillend kan zijn, maar in ieder geval groot. Het hart van de mensen staat helemaal open voor Hem zodat Hij zijn Woord daarin kan zaaien om vrucht te dragen.

Op de weg krijgt het zaad dus geen kans, op de stenen kan het geen wortelschieten en tussen het onkruid is het te druk om te bloeien. Maar in de goede grond wortelt het om vrucht te dragen. De vraag is nu: hoe luisteren wij naar Gods woord? 

Praat eens een minuutje met iemand naast je. In welke van de vier grondsoorten herken jij jezelf?

….

Misschien merkte je tijdens het gesprek wel dat je jezelf in meer dan één grondsoort herkende. Dat is niet vreemd. Jezus deelt ons mensen niet op in vier hokjes en veroordeelt ons niet om de grond die we soms zijn. Hij nodigt ons uit om steeds opnieuw ruimte te maken voor zijn Woord en vruchtbare grond te worden.

Maar “HOE DAN?”

Open je hart voor Hem. Jesaja leert ons dat, net zoals regen de grond voorbereidt, wij ons hart moeten klaarmaken om Gods woord te ontvangen. Maak daarom bewust ruimte voor Hem: zoek af en toe stilte, geniet aandachtig van een wandeling of bid tijdens de vakantie samen met je kind of kleinkind. Zo maak je de grond losser zodat het zaad van Gods woord kan landen.

Heb geduld en houd vol. Ook al valt veel zaad niet meteen in goede aarde, God blijft zaaien. Hij twijfelt nooit aan mensen en geeft ons steeds opnieuw een kans. Dat vraagt ook van ons geduld. Jesaja laat zien dat groei tijd nodig heeft. Je ziet niet meteen wat er onder de grond gebeurt. 

Dat lijkt op opvoeden. Je zaait iedere dag iets in je kinderen. Soms lijkt het niets te doen, maar later blijkt hoeveel ervan toch is blijven hangen (een vooruitzicht dat mij als ouder hoopvol stemt). Zo werkt God ook. De vrucht van zijn Woord is vaak ook pas later zichtbaar. Houd daarom geduldig vol, ook als je vandaag nog niet ziet welke vrucht zijn Woord in jouw leven draagt.

Zet Gods woord om in daden. Want luisteren alleen is niet genoeg. God vraagt geen perfecte mensen, alle opbrengst is goed, maar het vraagt wel inzet om zijn woord zichtbaar te maken in ons leven. “Laat dit goed tot je doordringen,” zegt Jezus. Die oproep herinnert ons eraan dat Gods woord niet vanzelf vrucht draagt, maar dat wij mogen meewerken aan de groei ervan. Voeg de daad bij het woord.

De lezingen vormen dus geen oordeel over ons, maar ze zijn een uitnodiging om in ons hart ruimte te geven aan God om in ons te werken.

Misschien dat je nu denkt: Dat klinkt mooi, maar het komt dus toch weer op mij neer. Ik moet zorgen dat mijn hart goede grond wordt. En eerlijk gezegd lukt me dat lang niet altijd.”

Dat herken ik heel goed. Ik heb dat zelf ook. Er zijn weken waarin ik me voorneem om meer tijd voor God te nemen. Om wat vaker te bidden bijvoorbeeld. En een paar dagen later al merk ik dat de drukte alweer heeft gewonnen. Dan kan ik ook denken: blijkbaar ben ik gewoon geen goede grond.

Wat mij dan helpt, is dat Jezus deze gelijkenis niet vertelt om ons een rapportcijfer te geven. Hij vertelt haar juist omdat Hij weet hoe ons hart werkt. Hij schrikt niet van stenen of van onkruid en Hij loopt ook niet weg als Hij een harde weg tegenkomt. Hij blijft zaaien.

Dat vind ik misschien wel het mooiste van deze gelijkenis. Mijn hoop hangt uiteindelijk niet af van hoe goed mijn grond vandaag is. Mijn hoop hangt af van een God die nooit ophoudt met zaaien en daarom moeten we volharden en niet opgeven, want zijn vertrouwen in ons wordt uiteindelijk uitbetaald.

Denk de komende week eens verder na over wat jou soms tegenhoudt om vruchtbare grond te zijn. Gebruik de drie aandachtspunten uit deze viering om te groeien: open je hart voor God, volhard ook als het even tegenzit en heb geduld totdat zijn Woord vrucht draagt. Zet die vrucht vandaag nog om in daden, zodat de wereld van morgen er weer ietsje beter uitziet..

Dan worden wij oprecht vruchtbare grond waar zijn Woord kan groeien zodat wij veelvoudig veel mooie daden kunnen verrichten.

Amen

Reacties zijn gesloten.